Gelijke toegang tot zorg voor minima
Landelijk alternatief voor de versnipperde gemeentepolis
Samenvatting
Het is in ieders belang dat toegang tot zorg gegarandeerd is, ongeacht iemands portemonnee. Mensen in armoede gaan minder vaak naar de dokter. Ook is hun gezondheid gemiddeld slechter en belanden ze vaker in de schulden wanneer ze wel naar de dokter moeten. Dit is niet alleen schadelijk voor henzelf, maar ook voor de rest van de maatschappij. Zieke mensen werken minder, uitgestelde zorg is vaak veel duurder, en schulden leiden tot grote maatschappelijke kosten.
Veel gemeenten bestrijden zorgmijding en -schulden met een gemeentepolis. Dit is een speciale zorgverzekering met een brede dekking, waaronder minder of geen eigen betalingen, waar 580.000 mensen gebruik van maken in 2026. Hoewel die dekking vaak relatief voordelig wordt aangeboden, heeft deze polis nog steeds een forse premie die voor de doelgroep moeilijk is op te brengen. De meeste gemeenten betalen daarom mee aan die premie.
Bescherming via de gemeentepolis hangt af van iemands woonplaats. Gelijkwaardige toegang tot zorg is een fundamenteel onderdeel van bestaanszekerheid en de tarieven in de zorg zijn daarom landelijk vastgelegd. Mensen met dezelfde ziekte hebben in iedere gemeente dezelfde kosten, maar de ondersteuning kent grote verschillen. Zo zijn er 34 gemeenten zonder gemeentepolis en zijn er grote verschillen in de premiebijdrage in de overige gemeenten. 83 gemeenten betalen €40 of meer per maand, 53 gemeenten betalen minder dan €20 en de overige 167 zitten ertussenin. We schatten dat er 160.000 minima zijn die geen gebruikmaken van de gemeentepolis omdat hun gemeente deze niet heeft, of voor hen te weinig meebetaalt aan de premie.
Het aanbod en het gebruik van de gemeentepolis nemen daarnaast al jaren af. Het aandeel gemeenten zonder een gemeentepolis is de afgelopen tien jaar vertienvoudigd. De bescherming tegen zorgmijding en -schulden neemt dus structureel af. Dit wordt in 2028 nog problematischer: het kabinet wil dan het eigen risico indexeren verhogen met €60, wat deze kwetsbare groep relatief hard raakt.
Het uitbreiden van de huidige gemeentepolis is niet de juiste route. Er kan gekozen worden om een minimale premiebijdrage vast te stellen. Maar dan nemen de verschillen tussen gemeenten met en zonder gemeentepolis toe, en is het risico groot dat meer gemeenten met de polis stoppen. Een alternatief is om alle gemeenten te verplichten tot het aanbieden van een gemeentepolis. Dit ontneemt veel gemeenten echter hun toch al schaarse onderhandelingsruimte richting zorgverzekeraars. Bij beide oplossingen blijft niet-gebruik daarnaast een probleem. Een groep die baat zou hebben bij de gemeentepolis, maakt er bijvoorbeeld geen gebruik van; bijvoorbeeld omdat ze niet weten dat de regeling bestaat, omdat ze de overheid niet vertrouwen of omdat
Wij adviseren om de gemeentepolis af te schaffen en de bescherming van mensen in armoede tegen hoge zorgkosten landelijk te regelen. Iedereen met een laag inkomen wordt in ons voorstel automatisch vrijgesteld van eigen betalingen in het basispakket. De Rijksoverheid betaalt mee aan de premie van een aanvullende verzekering voor ten minste mondzorg, fysiotherapie en een bril of contactlenzen. Samen doen deze twee maatregelen wat de gemeentepolis nu ook doet, maar dan grotendeels automatisch en voor iedereen in Nederland hetzelfde.

